10 gouden tips

Veel mensen die het Nederlands niet als moedertaal hebben, willen het graag leren. Een nieuwe taal leer je het best als je ze veel spreekt. Hieronder vind je enkele tips die de communicatie met je anderstalige klanten, patiŽnten, buren ... kunnen verbeteren:

  1. Schakel niet te snel over op een andere taal.
  2. Spreek langzaam en articuleer goed.
  3. Gebruik gebaren die je uitleg ondersteunen.
  4. Gebruik eenvoudige woorden en synoniemen.
  5. Vermijd dialectwoorden.
  6. Hertaal. Leg iets uit in andere woorden.
  7. Geef de anderstalige de tijd om even te zoeken naar zijn of haar woorden.
  8. Geef de Nederlandse vertaling van woorden die de anderstalige in een andere taal zegt. (Bv. 'Kan ik hier sacs poubelle kopen?' - 'Welke vuilniszakken heb je nodig? Blauwe, groene of bruine?')
  9. Wijs voorwerpen waarover je spreekt aan.
  10. Zeg niet dat iets fout is, maar corrigeer op een positieve manier. (Bv. 'In hoeveel stationen stopt de trein?' - 'In vijf stations.')

Pictogrammen, foto's of illustraties maken het voor je lezer gemakkelijker om je boodschap te begrijpen.
Vzw 'de Rand' heeft een databank die je helpt met afbeeldingen over allerlei thema's. Kijk ook op www.pictogrammendatabank.be.